Je spreekt de pastoor aan en vraagt hem naar de noodstroomvoorziening.
De pastoor is er inderdaad van op de hoogte, maar hij blijkt hierin geen sleutelfiguur te zijn.
Hij vertelt je over een jongeman met wie hij bij de verkenners heeft gezeten bij blokhut ‘D’n Langendijk’.
De vader van deze jongeman werkte vroeger bij de Lola-borstelfabriek. Het was toentertijd een belangrijke man.
De jongeman schepte vaak op over zijn vader toen hij bij de verkenners zat.
Als er iets ergs zou gebeuren in Groesbeek, dan kon zijn vader daarbij zeker helpen...
De pastoor weet niet waar de man woont. Je besluit daarom in de richting van de voormalige blokhut ‘D’n Langendijk’ te lopen.
Loop door het hek naar de Stationsweg en sla linksaf. Sla vervolgens rechtsaf om de Doorsteek op te lopen.
Blijf staan op de kruising van de Doorsteek, de Spoorlaan en de Nijverheidsweg.